Voel jij je mantelzorger? Geef jij mantelzorg?

Er bestaat een vorm van mantelzorg waar bijna geen erkenning voor is. Degene die deze vorm van mantelzorg geeft, vraagt er ook niet om. Hoe dat zit leg ik je hier uit.

 

“Mantelzorg is onbetaalde en vaak langdurige zorg voor zieke familieleden of vrienden.” Zo omschrijft de Rijksoverheid mantelzorg.

Het klopt met het beeld dat van mantelzorg bestaat.

  • Je zorgt voor je partner die een ernstige ziekte heeft, zoals kanker.
  • Je zorgt voor je  kind die een chronische ziekte heeft, zoals taaslijmziekte.
  • Je zorgt voor een ouder die dementerend is of een hersenbloeding heeft gehad.
  • Je doet boodschappen voor je buurvrouw die haar heup heeft gebroken.

Allemaal situaties waarin de mens met de ziekte hulp nodig heeft. Situaties die verder gaan dan de gewone zorg voor je gezin, ouder of hulp aan de buurvrouw.

Mantelzorg geven vraagt veel van je.  Aandacht, tijd, energie…soms is het wel eens lastig op te brengen, zeker als duidelijk is dat er voorlopig geen eind aan de mantelzorg komt.

Het combineren van je gezin, werk en mantelzorg is niet eenvoudig. Als je aan mensen vertelt dat je mantelzorger bent, begrijpen ze wat je doet, maar echt invoelen kunnen alleen de mensen die zelf mantelzorg zijn (geweest).

Er is ook een vorm van mantelzorg die bijna niet wordt gezien. De niet-erkende vorm van mantelzorg. Hierbij gaat het verder dan ‘gewoon’ voor je gezin zorgen.

Herken je jezelf in de volgende beschrijving?

Je partner of kind zit vast in zijn of haar patroon. Vaak begrijp je waardoor het komt, soms begrijp je het niet. Het meest uit zich dit door angst of dwangmatig gedrag. Het kan een officiële diagnose zijn, maar dat hoeft niet. Jij probeert, met liefde, voor je partner of kind te zorgen. En doet daar enorm je best voor. En toch… vaak helpt het niet, lukt het niet. Je hebt het gevoel dat je mee moet gaan in wat je partner of kind wel of niet wil of aandurft. Dit kost je veel energie.

Het kan zijn dat je partner of kind een angst- of dwangstoornis heeft. Het kan ook zijn dat de angst en vaste patronen een andere oorzaak hebben, zoals kanker, diabetes, eetstoornis, puberteit, onverwachte veranderingen in het leven.

Het is moeilijk aan je collega’s uit te leggen welke extra zorg je aan je partner of kind geeft. Als je het wel probeert, krijg je de opmerking: “Hij is toch niet ziek meer, misschien moet je gewoon eens wat strenger zijn”.

Jouw mantelzorg

Jouw zorg bestaat eruit dat je continu op eieren loopt, je gevoelsantenne aan hebt staan. Je probeert dat te doen en te reageren op een manier dat de ander rustig blijft. De realiteit is dat dit vaak niet lukt. Het lijkt dan jouw schuld te zijn. Als jij anders had gereageerd, dan…………. Natuurlijk weet je dat dit niet klopt, maar dat krijg je de ander niet uitgelegd, daar ben je al lang mee gestopt.

Jouw zorg bestaat uit het aanpassen aan de ander, op zo’n manier dat je bepaalde dingen niet meer mag doen of juist moet doen. Diep van binnen weet je dat veel dingen niet meer durft te doen. Je voelt je niet meer vrij. Maar vertel dat maar eens aan je vriendinnen.

Jij weet dat de angst er bij die ander diep inzit. En jij weet ook dat het zich uit in patronen waarin jij je niet meer vrij voelt en die ook de ander niet meer helpen.

En waar blijf jij?

Op welke manier laat jij merken wat je wel of niet wilt?

Hoe kom jij weer tevoorschijn?

Hoe kun jij wel voor je gezin zorgen?

Wie vraag er aan jou hoe het gaat?

Oorzaken

Het kan goed zijn dat je weet waarom je partner of kind zo angstig is of dwangmatig gedrag vertoont.

  • Doorgemaakte ziektes, zoals kanker, diabetes of eetstoornissen. Je partner of kind zoekt veiligheid in patronen waardoor hij of zij het leven weer kan oppakken. Dit is helpend geweest, maar nu niet meer.
  • Dit kan wel of niet gediagnosticeerd zijn, of misschien denk je dat je partner of kind een lichte vorm heeft van bijvoorbeeld OCS of autisme, omdat je dit in de familie herkent. Hij of zij zit vast in de patronen en jij ook. Dit kan een symptoom zijn van een stoornis.
  • Onverwachte veranderingen in het leven, zoals meemaken dat iemand overlijdt, echtscheiding, puberteit, ontslag, financiële zorgen. Als iemand zijn veiligheid kwijt is, gaat hij op zoek naar andere veiligheid. Bij angst kan iemand om bevestiging gaan vragen, of juist controle krijgen door dingen op dezelfde manier te gaan doen. Dit kan goed helpen in een moeilijke periode, maar als de angst en de patronen steeds belangrijker en groter worden, helpt het niet meer. Er moet dan steeds meer worden gedaan om hetzelfde effect te voelen.

Wat helpt wèl?

Wil jij minder op eieren lopen, meer energie hebben, aan je gezin laten merken waar jouw grens ligt en weer een gezellige ouder en partner zijn?

Je weet heel goed wat niet helpt.

Meegaan in de angst of dwang, betekent dat je die angst of dwang ruimte geeft, waardoor deze nog groter kan worden. En dat is juist wat je niet wilt.

Wat kun je wèl doen?

  • Erkennen dat je vastzit in het patroon van je gezinslid. Zie dat je een vorm van zorg geeft die veel vraagt van jou en niet het effect heeft dat je graag wilt.
  • Vertel je verhaal aan anderen. Hierdoor het voor jezelf steeds duidelijker in welk patroon je zit.
  • Ga in kleine stapjes iets voor jezelf doen. Het gevolg daarvan is dat je ruimte voor jezelf pakt en daardoor een grens aangeeft bij je gezinsleden. Dit heeft een positief effect op je hele gezin.

Helaas is er geen standaard die voor iedereen hetzelfde is. Het is op zoek gaan hoe jij in jouw situatie je aandacht kunt gaan verleggen, duidelijk gaat worden, grenzen gaat aangeven en jouw ruimte gaat innemen.

Weer aandacht geven aan je partner of kind in plaats van aan de angst of dwang.

Herken jij je in dit verhaal en wil je eens praten? Neem rustig contact met me op voor een vrijblijvend gesprek.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *